Tag, financiële reserve

eigen inbreng lening woning 2020

Eigen inbreng bij een lening voor een woning in 2020: hoeveel had je nodig?

Eigen inbreng bij een lening voor een woning in 2020

Wie in 2020 een woning kocht in België, moest doorgaans niet alleen rekening houden met de maandelijkse afbetaling van de hypothecaire lening. Ook de eigen inbreng speelde een belangrijke rol. Dat is het bedrag dat je zelf betaalt, bijvoorbeeld met spaargeld, boven op het deel dat de bank leent.

Hoeveel eigen middelen je nodig had, hing af van de aankoopprijs, de bijkomende kosten, je financiële situatie en het beleid van de bank. Hieronder lees je hoe dat in 2020 doorgaans werkte.

Wat betekent eigen inbreng?

De eigen inbreng is het deel van de aankoop dat je niet met een lening financiert. Kocht je bijvoorbeeld een woning van 300.000 euro en leende de bank 270.000 euro, dan bedroeg je eigen inbreng voor de aankoopprijs 30.000 euro.

Daar komen meestal nog bijkomende kosten bij, zoals belastingen, notariskosten en kosten voor de kredietakte. Die kosten kunnen aanzienlijk zijn. Het is daarom belangrijk om niet alleen te sparen voor het verschil tussen de aankoopprijs en het geleende bedrag, maar ook voor de aankoop- en kredietkosten.

Hoeveel kon je in 2020 lenen?

In 2020 hielden banken rekening met aanbevelingen van de Nationale Bank van België over de verhouding tussen het geleende bedrag en de waarde van de woning. Die verhouding wordt vaak aangeduid als de loan-to-value of LTV. Een lening van 270.000 euro voor een woning van 300.000 euro komt bijvoorbeeld overeen met een LTV van 90%.

Voor een woning die je zelf zou bewonen, gold 90% vaak als belangrijke richtwaarde. Dat betekende niet dat elke kredietnemer verplicht precies 10% zelf moest inbrengen, of dat een lening boven die grens onmogelijk was. Banken konden uitzonderingen toestaan, maar beoordeelden die binnen hun kredietbeleid en rekening houdend met onder meer je inkomen, bestaande schulden en financiële buffer.

Een grotere eigen inbreng kon je kredietaanvraag sterker maken. Ze verkleinde het bedrag dat je moest lenen en kon daardoor ook de maandelijkse afbetaling verlagen. Een beperkte eigen inbreng maakte een lening niet automatisch onmogelijk, maar kon de beoordeling wel moeilijker maken.

De bijkomende kosten niet vergeten

De kosten boven op de aankoopprijs verschillen per dossier en gewest. Denk onder meer aan:

  • registratiebelasting of verkooprecht;
  • ereloon en aktekosten van de notaris;
  • kosten voor de hypothecaire kredietakte;
  • administratieve kosten van de bank;
  • eventuele schattings- of dossierkosten.

De belasting op de aankoop hing in 2020 af van de ligging van de woning en van de voorwaarden waaraan je voldeed. In Vlaanderen gold voor bepaalde aankopen van de enige eigen woning vanaf 2020 bijvoorbeeld een verlaagd verkooprecht. In Brussel en Wallonië golden andere tarieven en mogelijke verminderingen. De voorwaarden konden verschillen, dus laat de kosten voor jouw situatie vooraf berekenen door een notaris of kredietgever.

Banken financierden de aankoopkosten niet altijd mee. Zelfs wanneer een bank een groot deel van de aankoopprijs wilde lenen, kon je dus nog eigen geld nodig hebben om de belastingen en aktekosten te betalen.

Voorbeeld: woning van 300.000 euro

Stel dat je in 2020 een woning kocht voor 300.000 euro en de bank bereid was 90% van de aankoopprijs te financieren. Dan bedroeg de lening 270.000 euro en moest je 30.000 euro van de aankoopprijs zelf betalen.

Dat bedrag was niet noodzakelijk je volledige eigen inbreng. De aankoop- en kredietkosten kwamen er mogelijk nog bovenop. Het precieze totaal hing onder meer af van het gewest, de toepasselijke belastingregeling en de voorwaarden van de lening.

Niet alleen je spaargeld telt

Bij de beoordeling keek de bank niet uitsluitend naar de eigen inbreng. Ook je terugbetalingscapaciteit was belangrijk. De kredietgever onderzocht doorgaans je inkomen, vaste uitgaven, andere leningen en de stabiliteit van je financiële situatie. De maandelijkse afbetaling moest haalbaar blijven, ook wanneer je onverwachte kosten kreeg.

Het is verstandig om na de aankoop een financiële reserve over te houden. Als al je spaargeld naar de woning gaat, kan een herstelling of een periode met lagere inkomsten snel voor problemen zorgen.

Hoe bereid je je voor?

  • Bereken zowel de eigen inbreng voor de aankoopprijs als de bijkomende kosten.
  • Vraag verschillende banken om een simulatie en vergelijk de totale kredietkosten, niet alleen de rentevoet.
  • Breng je inkomsten, uitgaven, spaargeld en bestaande leningen in kaart.
  • Laat de aankoopkosten berekenen volgens de ligging en de kenmerken van de woning.
  • Voorzie waar mogelijk een buffer voor onverwachte uitgaven na de aankoop.

Samengevat

In 2020 was een eigen inbreng bij een woonlening vaak belangrijk, maar er gold geen eenvoudig vast bedrag dat voor elke koper hetzelfde was. De richtwaarde van 90% financiering voor een eigen woning speelde mee in het kredietbeleid, terwijl banken ook uitzonderingen konden beoordelen. Bovendien moest je rekening houden met belastingen en notariskosten, die niet altijd in de lening konden worden opgenomen.

Dit artikel beschrijft de Belgische context van 2020 en is geen individueel financieel advies. Regels en tarieven kunnen sindsdien gewijzigd zijn. Voor een concreet dossier zijn de informatie van de notaris, de kredietgever en de bevoegde overheid bepalend.

 

Veelgestelde vragen over eigen inbreng bij woningleningen in 2020 (BE)

  1. Hoeveel eigen inbreng had je in 2020 nodig om een woning te kopen?
  2. Kon je in 2020 een hypothecaire lening krijgen zonder eigen inbreng?
  3. Moest je in 2020 de bijkomende aankoopkosten volledig zelf betalen?
  4. Hoeveel van de aankoopprijs van een woning financierde de bank in 2020?
  5. Welke aankoop- en notariskosten moest je in 2020 boven op je eigen inbreng rekenen?
  6. Kon een schenking of lening van familie in 2020 meetellen als eigen inbreng?

Hoeveel eigen inbreng had je in 2020 nodig om een woning te kopen?

In 2020 was er geen vast bedrag aan eigen inbreng dat voor elke koper gold. Banken financierden voor een eigen woning vaak ongeveer 90% van de aankoopprijs, waardoor je doorgaans zelf minstens 10% moest voorzien, naast bijkomende kosten zoals belastingen en notariskosten. Sommige banken konden uitzonderingen toestaan, afhankelijk van je inkomen, financiële situatie en het kredietdossier. Het precieze bedrag hing ook af van de ligging van de woning en de kosten die in jouw situatie van toepassing waren.

Kon je in 2020 een hypothecaire lening krijgen zonder eigen inbreng?

Ja, in 2020 kon je uitzonderlijk een hypothecaire lening krijgen die de volledige aankoopprijs van de woning financierde, maar dat was geen vanzelfsprekendheid. Banken beoordeelden zulke aanvragen strenger en keken onder meer naar je inkomen, terugbetalingscapaciteit en financiële situatie. Bovendien moest je de aankoop- en kredietkosten, zoals belastingen en notariskosten, vaak zelf betalen. Daardoor was ook bij een lening voor 100% van de aankoopprijs doorgaans toch eigen spaargeld nodig.

Moest je in 2020 de bijkomende aankoopkosten volledig zelf betalen?

Niet noodzakelijk volgens een algemene wettelijke regel, maar in 2020 vroegen banken doorgaans wel dat kopers de bijkomende aankoopkosten, zoals belastingen en notariskosten, met eigen middelen betaalden. Of die kosten geheel of gedeeltelijk mee konden worden gefinancierd, hing af van de bank en je financiële situatie. Het was dus verstandig om naast je eigen aandeel in de aankoopprijs ook voldoende spaargeld voor de kosten en een financiële reserve te voorzien.

Hoeveel van de aankoopprijs van een woning financierde de bank in 2020?

In 2020 financierde een bank vaak ongeveer 90% van de aankoopprijs van een woning die de koper zelf zou bewonen. Dat was een richtwaarde, geen vaste regel: de bank beoordeelde elke aanvraag afzonderlijk en kon in bepaalde gevallen meer of minder lenen, afhankelijk van onder meer je inkomen, bestaande schulden en financiële situatie. De resterende aankoopprijs moest je doorgaans zelf inbrengen, en ook de belastingen en notaris- en kredietkosten moest je meestal met eigen middelen betalen.

Welke aankoop- en notariskosten moest je in 2020 boven op je eigen inbreng rekenen?

In 2020 moest je naast de eigen inbreng voor de aankoopprijs ook rekening houden met het verkooprecht (in Vlaanderen) of de registratierechten (in Brussel en Wallonië), het ereloon en de aktekosten van de notaris, en de kosten voor de kredietakte, zoals hypotheekrechten en administratieve kosten. Ook eventuele dossier- en schattingskosten van de bank konden erbij komen. De precieze bedragen hingen af van het gewest, de woning en je persoonlijke situatie; bij een nieuwbouwwoning kon bovendien btw verschuldigd zijn in plaats van, of naast, registratierechten. Vraag daarom vooraf een gedetailleerde kostenraming aan je notaris en kredietgever.

Kon een schenking of lening van familie in 2020 meetellen als eigen inbreng?

Ja, in 2020 kon een schenking van familie doorgaans meetellen als eigen inbreng, op voorwaarde dat je kon aantonen waar het geld vandaan kwam en of er voorwaarden aan verbonden waren. Een lening van familie was iets anders: dat geld moest je terugbetalen en de bank kon ze daarom als bijkomende schuld beschouwen, wat je terugbetalingscapaciteit beïnvloedde. Bespreek zulke steun vooraf met de bank en leg afspraken schriftelijk vast; de beoordeling hing af van je dossier en het kredietbeleid van de bank.